K. Renfrum 30 juni 2008

Zolang de herinnering leeft is het leed niet voor niets geleden!

Zeer geachte aanwezigen,
Mijn naam is Kenneth Renfrum en als voorzitter van de St. Amsterdams Centrum 30 juni – 1 juli heet ik u van harte welkom!
Welkom zijn in het bijzonder ook de 10-tallen buurtbewoners die op ons speciaal verzoek vandaag hier aanwezig zijn om met ons stil te staan en te herdenken dat het morgen precies 145 jaar geleden is dat de slavernij werd afgeschaft in de voormalige Nederlandse koloniën in de west. De Engelse regering onder leiding van Tony Blair heeft haar verontschuldiging aangeboden voor het aandeel van Engeland in slavenhandel en de slavernij. De regering van Australië heeft dat voorbeeld opgevolgd voor de wreedheden t.o.v. de Aboriginals, daarna kwamen onlangs nog verontschuldigingen van de president van Canada aan de Indianen die zijn ontsnapt aan de wreedheden van de vroege Canadezen. In Nederland haasten de regering en sommige media zich om te roepen; Hoezo verontschuldigingen! De slavernij is van zo lang geleden en wij waren er toch ook niet bij! Men roept dat het tijd wordt dat het gezeur daarover eindelijk ophoudt!
Waar denken deze mensen, vooral sommige populistische politici, dat hun superioriteitsgevoel t.o.v. Surinamers en Antillianen vandaan komt!
Wanneer je als regering de slogan “Samen werken, Samen leven” voert, dan suggereer je in feite dat je niet alleen alle burgers wil betrekken bij de uitdagingen waarvoor ons land staat, maar ook bij de opbrengsten die wij met elkaar als samenleving genereren. Van samen leven kan pas sprake zijn, als wij ook respect tonen voor het verdriet, de pijn en de problemen anderen. Vandaag voeren wij het thema “Samen Stilstaan, leven en Vieren”. Voor het bestuur van stichting Amsterdams Centrum 30 juni – 1 juli betekent samen, niet alleen! Samen betekent dat er iemand is die voor je zorgt, over je waakt, omdat diegene weet dat jij voor hem of haar hetzelfde over hebt. Samen betekent dat wij de verworvenheden van onze stad samen delen en niet slechts doen toekomen aan één of twee uitverkoren groepen.
Als voorzitter van het Amsterdams Centrum 30 juni – 1 juli heb ik namens de Afro-Surinaamse gemeenschap bij de hier aanwezige wethouder van Diversiteit een cadeauwens neergelegd i.v.m. de afschaffing slavernij, morgen precies 145 jaar geleden. Onze wens behelst een door de gemeente betaalde oriëntatiereis voor een 15-tal actieve vrijwilligers van onze stichting naar de goudkust van Ghana. Gelet op de doelstelling van onze stichting vinden wij het een uitstekend idee als de groep wordt aangevuld met enkele witte autochtone Amsterdammers. Onze wens doen wij niet vanwege de door het stadsdeel Slotervaart gefinancierde bezoek van 35 oudere Marokkanen aan Auschwitz. Ook niet vanwege het door de gemeente betaalde Suikerfeest van ruim 100.000,- euro voor de Marokkanen of de binnen één etmaal georganiseerde voetbalfeest voor de Turken hier op het Surinameplein. Ons cadeauwens leggen voor, omdat onze stad tussen 1667 en 1827 de West Indische Compagnie gefaciliteerd heeft om ruim 600.000 slaven te transporteren naar Curacao en Suriname. Een passender geschenk aan de Surinaams/Antilliaanse gemeenschap na 145 jaar afschaffing van de slavernij is naar mijn mening niet denkbaar.
Gelet op het tumult rondom het vertrek van mevrouw Buyne weet ik wel zeker dat de wethouder zich hiermee politiek onsterfelijk zou maken bij de groep Afro-Surinamers.
Samen betekent dus in onze visie ook eerlijke en gelijke kansen creëren voor alle burgers van onze stad, waar ze ook vandaan komen. Samen staan wij stil voor de gevallenen op 4 mei en samen vieren wij de vrijheid op 5 mei. Samen herdenken wij op 30 juni en vieren wij Keti Koti op 1 juli. Als we kijken naar de gebieden onderwijs en werkgelegenheid in Amsterdam, dan zien wij bij de primaire doelgroep van onze organisatie nog forse achterstanden. Bij deze doelgroep zien wij een overconcentratie aan de onderkant van de arbeidsmarkt en in het onderwijs lopen ze tegen vooroordelen op,die beslist niet stimulerend werken voor hun schoolprestaties.
Uit een recent onderzoek blijkt dat er een relatie bestaat tussen het opleidingsniveau van je ouders, hun financiële situatie en de schooluitval of het bezoek aan lagere vormen van voortgezet onderwijs door hun kinderen. Kort gezegd als je ouders arm zijn heb je een heel grote kans om zelfs arm te worden later als je groot bent. Wie tegenwoordig met minder dan een MBO-opleiding van school gaat is steeds meer aangewezen op een gesubsidieerde, dus slecht betaalde baan.
Met de huidige huurprijzen van woningen, om maar niet te spreken over koopwoningen, blijf je dan hangen in een circuit van armoede en afhankelijkheid. Daarom vinden wij, moeten leerkrachten in Amsterdam beschikken over een intrinsieke motivatie voor hun vak. De multiculturele samenleving vraagt om specifieke vaardigheden om daar leiding aan te geven. Er mogen geen kinderen achter blijven in ons onderwijssysteem en dat is een verantwoordelijkheid voor zowel de ouders, de bestuurders, maar vooral van de leerkrachten. Het belangrijkste voor een kind dat de school instapt, is niet de huidskleur van dat kind, niet hoeveel geld de ouders hebben of hun opleiding, maar de motivatie van de leerkracht; zijn of haar betrokkenheid en gedrevenheid. Er zijn nog teveel kinderen, vooral (om het populair te zeggen)die op mij lijken, die blijven hangen in een moderne vorm van slavernij of afhankelijkheid. Omdat ze hun opleiding niet hebben afgemaakt zijn ze aangewezen op een uitkering of een arbeidsinkomen waar ze met moeite van rond kunnen komen. Zoveel Ryan Babels of Davids of Seedorf zijn er niet in Amsterdam.
Als bestuur van de stichting Amsterdams Centrum 30 juni – 1 juli zullen wij dan ook bij de relevante bestuurders van onze stad aandringen op een gesprek om te bezien hoe wij kunnen helpen om het leven voor onze doelgroep ook plezierig te maken.
Het huidig bestuur van onze stichting is vorig jaar juli aangetreden.
Op 7 november werden wij ontvangen door de heer Arco Verburg, stadsdeelvoorzitter van De Baarsjes voor een kennismakingsgesprek. In dat gesprek gaf de heer Verburg onder meer aan dat hij op school en in zijn verdere studie niet onderwezen is over het Nederlandse slavernijverleden en dat hij recent via zijn partner daarover is bijgepraat. Hij wilde in elk geval heel graag dat de leerlingen van de basisscholen in zijn werkgebied wel geïnformeerd zouden worden over dit aspect van de Nederlandse geschiedenis. Als wij het materiaal zouden willen aanleveren, dan was hij zelfs bereidt om persoonlijk enkele lessen te verzorgen. Ik gaf aan het een fantastisch idee te vinden en dat het materiaal geen enkel probleem zou opleveren. Om kort te gaan, drie maanden later had ik nog niets passend kunnen vinden en in februari togen wij samen op naar het NiNsee. Dat leverde een tas vol wetenschappelijk materiaal op, maar niet echt iets passend voor de basisschool leerlingen.
Zo ontstond het idee om dan maar als kleine arme stichting zelf iets te ontwikkelen. Niet zomaar iets, maar een informatie folder over de relatie tussen de stad Amsterdam en de slavernij, die niet alleen geschikt is voor alle Amsterdamse leerlingen van tussen de 11 en 15 jaar, maar beslist ook zeer geschikt voor hun ouders. En om alle discussie over de keuze van de inhoud te vermijden, hebben wij aan professor Dr. Alex van Stipriaan van het Tropen Instituut de opdracht verstrekt om de folder te ontwikkelen. De beste man voor deze klus! Vanaf morgen 1 juli is op onze website www.30juni-1juli.nl de volledige tekst, inclusief de bijlagen te downloaden. Met de opdracht aan professor Van Stipriaan begonnen de problemen van onze penningmeester pas echt goed. Wij hebben bij alle 14 stadsdelen een keurig goed onderbouwd verzoek om subsidie, voorzien van alle relevante bijlagen, ingediend.  Toen de afwijzingen 1 voor 1 binnenkwamen bespraken de penningmeester en ik ons plan E en B en dat stond voor de Eigen Bankrekeningen. Tegen een beleidsmedewerker van een stadsdeel heb ik me laten ontvallen dat onze zoektocht naar middelen voor de folder, rechtevenredig is aan het proces welke heeft geleid tot de uiteindelijke afschaffing van de slavernij. Iedereen vond dat het een goed idee was, maar niemand wilde de rekening ervoor betalen!!
Ik heb geleerd dat geluk ligt aan het eind van een eigen inspanning. Hoe groter de inspanning, des te groter is het geluk. Ik zeg dit, omdat de grote uitzondering in dit trieste verhaal hier bij ons aanwezig is  ………………………………….!!
Geachte heer Verburg, stadsdeelvoorzitter van De Baarsjes, mag ik u hierbij uitnodigen om het eerste exemplaar van de informatie folder over Amsterdam en de slavernij in ontvangst te nemen. Toen de heer Verburg vernam over onze problemen met de financiering van de folder had hij slechts 1 vraag: “hoeveel komen jullie te kort?” De door hem gestelde voorwaarden waren bijzonder redelijk en hadden voornamelijk te maken met de kwaliteit en de mate van geschiktheid voor de schooljeugd. Met de beschikbare middelen konden wij slechts 20.000 exemplaren laten drukken, maar gezien de gulle lach van mevrouw Sweet en de heer Ossel vertrouwen wij erop dat we binnenkort de drukker een opdracht kunnen verstrekken voor nog eens 50.000 of zelf 100.000 stuks. Overigens krijgen alle bezoekers hier van ons deze informatie folder uitgereikt.
Intussen hebben leerlingen van de OSB Rozemarn in Zuidoost al een proefles gekregen over Amsterdam en de slavernij. Voor wat betreft de scholen in De Baarsjes geef ik nu het woord aan de heer Arco Verburg.
Ik wens u allen nog een informatieve en bijzonder plezierige dag toe!